Uitstoot broeikasgassen daalt ruim vijf procent in eerste kwartaal 2026
12.06.2026 Lenna van den Haak

In het eerste kwartaal van 2026 is de uitstoot van broeikasgassen in Nederland is met ruim vijf procent gedaald ten opzichte van het eerste kwartaal van vorig jaar. Dat blijkt uit voorlopige cijfers van het CBS en het RIVM.
De grootste bijdrage aan de daling kwam van de elektriciteitssector. Energiebedrijven stootten ruim 12,5 procent minder broeikasgassen uit, vooral doordat er minder steenkool werd ingezet voor de productie van elektriciteit. Tegelijkertijd nam de elektriciteitsproductie licht toe. De hogere opbrengst van windenergie speelde daarbij een belangrijke rol, doordat het in de eerste maanden van 2026 vaker waaide dan een jaar eerder.

Ook de industrie liet een afname zien. De uitstoot in deze sector daalde met ruim 4 procent. Volgens de onderzoekers hangt dit vooral samen met een lagere productie in de chemische industrie, waardoor minder aardolie werd verbruikt.
In de mobiliteitssector nam de uitstoot eveneens af. Een belangrijke oorzaak zijn de hogere brandstofprijzen in Nederland. Hierdoor kozen meer automobilisten en transporteurs ervoor om in het buitenland te tanken. De uitstoot die samenhangt met brandstoffen die over de grens worden getankt, wordt niet meegerekend in de Nederlandse emissiecijfers.

Daarnaast speelde het weer een rol. Hoewel januari relatief koud begon, waren februari en maart juist zachter dan gemiddeld. Daardoor was minder energie nodig voor verwarming van woningen en gebouwen. Wanneer voor dit weerseffect wordt gecorrigeerd, komt de daling van de uitstoot uit op bijna 4 procent.

De cijfers laten zien dat zowel de groei van duurzame elektriciteitsopwekking als veranderingen in industrie, mobiliteit en energieverbruik bijdragen aan een verdere afname van de Nederlandse broeikasgasuitstoot. Voor de warmtesector onderstrepen de resultaten het belang van een lager energieverbruik voor verwarming en de verdere verduurzaming van de energievoorziening.



























