Warmtenetten, WKK’s en windmolens: zo werkt de glastuinbouw aan een duurzame toekomst

Terug
30.06.2026 Hoofdartikel
Marijne Smit
Warmtenetten, WKK’s en windmolens: zo werkt de glastuinbouw aan een duurzame toekomst

De energiekosten zijn voor veel bedrijven een grote uitdaging. Dat geldt ook voor de glastuinbouw. Toch zijn kwekers niet alleen grote energieverbruikers, maar spelen zij ook een belangrijke rol in het Nederlandse energiesysteem. Tijdens een bezoek aan alstroemeria kwekerij H.M. Tesselaar in Heerhugowaard vertellen mede-eigenaar René Leek en bedrijfsleider Matthé Pronk hoe het bedrijf energie opwekt, opslaat en slim inzet, om de energierekening laag te houden.

Het bedrijf beschikt over drie warmtekrachtinstallaties (WKK’s) met een gezamenlijk vermogen van ongeveer vijf megawatt. Deze installaties draaien op aardgas en produceren tegelijkertijd elektriciteit, warmte en CO₂. “Als wij de stroom niet nodig hebben voor de belichting, leveren we die terug aan het net. De warmte slaan we op om later de kas te verwarmen en de CO₂ gebruiken we in de kas zodat de planten beter groeien”, vertelt Leek.

De warmte die vrijkomt tijdens het opwekken van elektriciteit wordt opgeslagen in grote buffers. Die warmte wordt later gebruikt om de kas op temperatuur te houden. Ook de CO₂ die vrijkomt, gaat niet verloren. Na reiniging wordt deze de kas ingeblazen. Leek legt uit dat de concentratie CO₂ bewust wordt verhoogd om de groei van de bloemen te stimuleren. “Normaal zit er in de buitenlucht ongeveer 400 PPM CO₂. In de kas verhogen we dat tijdens het belichten naar ongeveer 1000 PPM. Daarmee kun je zo'n 15 procent efficiënter groeien, omdat de planten de CO₂ beter kunnen benutten.”

WKK's als ondersteuning voor het elektriciteitsnet

De WKK-installaties spelen niet alleen een rol binnen de kas, maar ook op het Nederlandse elektriciteitsnet. “Afgelopen weekend stonden 's avonds veel windmolens stil. Er was een tekort aan stroom in Nederland. Dan kunnen WKK's van tuinbouwbedrijven als een mooie back-up dienen door extra stroom aan het net te leveren”, vertelt Pronk. Ook H.M. Tesselaar doet mee aan de onbalansmarkt. “Onze WKK kan snel aan en uit. Zo kunnen we inspelen op de vraag naar elektriciteit en helpen we het elektriciteitsnet in balans te houden”, zegt Leek. Volgens hem dragen veel glastuinbouwbedrijven in Nederland op deze manier bij aan een stabiel elektriciteitsnet.

Naast het slim inzetten van energie kijkt het bedrijf ook naar nieuwe manieren om verder te verduurzamen. HVC werkt aan de ontwikkeling van een warmtenet, waar het bedrijf aan gaat bijdragen. “Omdat nieuwe stroomaansluitingen lastig beschikbaar zijn, leveren wij de stroom voor het warmtenet van HVC”, zegt Leek. Daarnaast onderzoekt HVC de mogelijkheden voor de plaatsing van windmolens verderop in de straat, waar ook al een zonnepark ligt. Mocht dat doorgaan, dan hoopt de kwekerij daar in de toekomst gebruik van te kunnen maken. “Als je een windmolen kunt combineren met onze generatoren en het warmtenet, krijg je een veel flexibeler energiesysteem.”

Ook op het gebied van belichting zijn grote stappen gezet. Het bedrijf werkt inmiddels met de tweede generatie LED-lampen. “Met dezelfde hoeveelheid elektriciteit kunnen we nu ongeveer twee keer zoveel licht produceren als vroeger”. Leek stelt dat dit soort ontwikkelingen belangrijk zijn voor de toekomst van de glastuinbouw. “Dat soort koppelingen tussen windenergie, warmtenetten en tuinbouwbedrijven zie ik als de volgende stap in de verduurzaming van de sector.”

Een groot deel van het gas koopt het bedrijf vijf jaar van tevoren in. Meestal is dat 60 tot 80 procent. De prijs van het aanvullende gas hangt af van de actuele marktprijs. “Ten opzichte van voor de oorlog zijn die prijzen flink gestegen. Voor de oorlog betaalden we ongeveer 28 cent per kubieke meter gas, en nu is dat ongeveer 42 cent. Dat is zo'n 50 à 60 procent duurder geworden.” Daarnaast wordt het vanaf 2027 verplicht om voor een deel groen gas te gebruiken. Het wordt energieleveranciers verplicht om ongeveer 20 procent groen gas bij te mengen bij het normale gas.

Toen de gasprijzen tijdens corona stegen, moest het bedrijf andere keuzes maken. “Op een gegeven moment zat de gasprijs rond de drie euro per kubieke meter. Toen hebben we besloten om gas te verkopen en het gewas wat langzamer te laten groeien”, vertelt Pronk. René vult hem aan: “Echt minder gas gebruiken in absolute zin is moeilijk, maar meer product maken met dezelfde hoeveelheid energie, daar zijn we elke dag mee bezig.”

Waterstof als volgende stap

Ondanks alle ontwikkelingen op het gebied van LED-verlichting, warmtenetten en energiebesparing blijft het bedrijf kijken naar nieuwe duurzame oplossingen. Daarbij ziet Leek vooral kansen voor waterstof. “Ik hoop dat dat waterstof is. Onze warmtekrachtinstallaties zouden uiteindelijk ook op waterstof kunnen draaien. Ik hoop dat we daar in de toekomst naartoe kunnen”, zegt hij.