Aansluitstop Utrecht: de warmtepomp is de oplossing, niet het probleem
Terug
Op een verjaardag vroeg een vriend me of warmtepompen nog wel zin hebben. „Het net zit toch vol?” Over het net had hij gelijk. Over de warmtepomp had hij het mis. Dat is niet zijn schuld: het hele land vertelt hem het verkeerde verhaal.
Laten we vaststellen wat klopt. Vanaf 1 juli geldt er in de regio Utrecht een aansluitstop: nieuwe en zwaardere aansluitingen gaan op een wachtlijst. Huishoudens wachtten vorig jaar gemiddeld zo’n 45 weken op een nieuwe aansluiting. Dit is echt, en het is voorlopig niet opgelost; in Utrecht loopt de drukte door richting 2033. De diepere oorzaak is dat we twee dingen tegelijk doen: we vergroenen onze opwek, wind en zon, een grillig aanbod, én we elektrificeren onze vraag. Twee golven op hetzelfde net. Maar de conclusie die daaruit getrokken wordt, klopt niet.
Want de warmtepomp krijgt de schuld van het probleem dat hij kan oplossen. Een warmtepomp is 60 tot 80 procent van het elektriciteitsverbruik van een huishouden. Dat klinkt als het probleem, tot je doorhebt dat het ook potentieel het grootste, best planbare apparaat in huis is. De warmtepomp staat midden in het energiesysteem van een woning. Hij is groot genoeg om verschil te maken en slim genoeg om straks zelf te kiezen wanneer hij stroom pakt.
In de praktijk zien we dat al. Veel van onze pompen draaien prima op de 1-fase aansluiting die de meeste woningen al hebben. Geen netuitbreiding nodig, geen wachtlijst. We zijn nu met een groep gebruikers bezig met de betaversie van Weheat Intelligence, software die de warmtepomp precies dit laat doen: zelf kiezen wanneer er ruimte is op het net om stroom te pakken, warmte opslaan, zodat het huis al opgeladen is voordat de avondpiek begint. De bewoner merkt er niets van. Binnenkort lanceren we dit voor iedereen. Driehonderd Weheat-warmtepompen leveren samen al ongeveer een megawatt aan stuurbaar vermogen. Dat is het equivalent van grofweg tweehonderd thuisbatterijen. Alleen heeft niemand daar een batterij voor hoeven kopen.
De toezichthouder begrijpt dit al. Systemen die congestie verzachten worden als eerste aangesloten. Vorig jaar ging een record van zo’n miljard euro naar batterijen, omdat flexibiliteit de knop is die op korte termijn werkt. De slimme warmtepomp is exact de congestieverzachter waar het beleid om vraagt. En toch behandelt het publieke debat hem als de veroorzaker.
Nokia maakte ooit de beste telefoons ter wereld, tot de wereld een computer in haar broekzak wilde. Nokia zag het probleem niet, omdat ze dachten in hardware. Ik denk dat onze sector op hetzelfde kantelpunt staat, maar met één belangrijk verschil: wij zien het wel. De warmtepomp is goed. De software maakt hem beter. En een warmtepomp die zelf weet wanneer hij stroom pakt, is niet langer onderdeel van het probleem. Hij is de oplossing.






















