Airco zorgt voor beperkte extra stroomvraag: gemiddeld 72 tot 83 kWh per woning per jaar

Terug
28.09.2026 Hoofdartikel
Gijs de Koning Gijs de Koning E-mail Hoofdredacteur
Airco zorgt voor beperkte extra stroomvraag: gemiddeld 72 tot 83 kWh per woning per jaar

Nederlandse huishoudens met een airco gebruiken jaarlijks gemiddeld enkele tientallen kilowatturen elektriciteit om hun woning te koelen. In 2023 ging het om gemiddeld 83 kilowattuur per woning met koeling, in 2024 om 72 kilowattuur. Daarmee blijft het totale elektriciteitsverbruik voor woningkoeling vooralsnog beperkt. Opvallend is bovendien dat juist huishoudens met airconditioning relatief vaak zonnepanelen hebben, waardoor een deel van de extra zomerse stroomvraag kan samenvallen met de productie van zonnestroom.

Dat blijkt uit nieuw onderzoek van het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS), dat maandelijkse slimme-meterdata heeft gecombineerd met gegevens uit het WoonOnderzoek Nederland 2024. Het CBS probeert daarmee voor het eerst het daadwerkelijke elektriciteitsverbruik voor woningkoeling uit de verbruiksdata te isoleren.

Het gemiddelde koelverbruik van woningen met een koelvoorziening kwam in het warmere jaar 2023 uit op 83 kilowattuur. In 2024 was dat 72 kilowattuur. De mediaan lag met respectievelijk 59 en 52 kilowattuur nog lager. Het verschil tussen beide jaren hangt volgens het CBS waarschijnlijk samen met de temperatuur: 2023 telde 142 koelgraaddagen, tegenover 126 in 2024.

Minder dan 1 procent van huishoudelijk stroomverbruik

Opgeteld gebruikten Nederlandse woningen volgens de nieuwe rekenmethode ongeveer 124 gigawattuur elektriciteit voor koeling in 2023 en 105 gigawattuur in 2024. Dat komt overeen met respectievelijk 0,6 en 0,5 procent van het totale elektriciteitsverbruik van woningen.

Daarmee lijkt de impact van airconditioning op de jaarlijkse elektriciteitsvraag voorlopig relatief klein. Dat betekent echter niet dat koeling voor het elektriciteitssysteem onbelangrijk is. Het verbruik is sterk geconcentreerd in warme perioden. In de slimme-meterdata ziet het CBS bij woningen met een koelvoorziening in juni, juli en augustus een duidelijke zomerse verhoging van het elektriciteitsverbruik, terwijl die bij woningen zonder koeling veel minder zichtbaar is.

Tegelijkertijd blijkt uit hetzelfde onderzoek dat de elektriciteitsvraag in de winter gemiddeld nog sterker oploopt. Volgens het CBS wijst dat erop dat huishoudens meer elektriciteit gebruiken voor verwarming dan voor koeling. Daarbij kan dezelfde omkeerbare airco worden ingezet, maar ook een andere warmtepomp of elektrische verwarmingsinstallatie.

Piekvraag heeft meer impact

Dat koeling op jaarbasis nog geen procent van het huishoudelijke elektriciteitsverbruik vertegenwoordigt, betekent niet dat de impact op het elektriciteitsnet verwaarloosbaar is. Uit eerder onderzoek van Common Futures, uitgevoerd in opdracht van de NVDE, bleek juist dat de gelijktijdige inzet van airco’s tijdens warme dagen voor nieuwe pieken kan zorgen. Rond enkele zeer warme dagen in de zomer van 2025 lag de landelijke elektriciteitsvraag in de vroege avond ongeveer 1,8 gigawatt hoger dan op vergelijkbare dagen met gematigd zomerweer. Die stijging kan niet volledig aan huishoudelijke airco’s worden toegeschreven, maar volgens de onderzoekers was wel een duidelijk koelprofiel zichtbaar. Juist de avonduren zijn daarbij relevant, omdat een deel van de koelvraag tussen 19.00 en 00.00 uur valt, terwijl de productie van zonnepanelen dan snel afneemt.

Vaste airco gebruikt iets meer

Ook het type airconditioner maakt verschil. Woningen met alleen een vaste airco gebruiken volgens de analyse gemiddeld 82 kilowattuur per jaar voor koeling. Bij een mobiele airco is dat 65 kilowattuur. Huishoudens waar zowel een vaste als mobiele airco aanwezig is komen gemiddeld op 107 kilowattuur. Het CBS benadrukt dat bijvoorbeeld woningtype, bewonersgedrag, het aantal apparaten en het geïnstalleerde koelvermogen deze verschillen mede kunnen verklaren.

De cijfers zijn opvallend laag in vergelijking met eerdere ramingen. Met de bestaande CBS-methodiek zou koeling in 2023 en 2024 ongeveer 1,8 procent van het huishoudelijke elektriciteitsverbruik vertegenwoordigen. Die methode rekent voornamelijk met het aantal geïnstalleerde airco's, vermogen en aangenomen vollasturen. De nieuwe methode gebruikt daarentegen daadwerkelijk gemeten elektriciteitsverbruik.

Airco en zonnepanelen gaan vaak samen

Een tweede opvallende uitkomst is dat woningen met airconditioning relatief vaak over zonnepanelen beschikken. In de onderzochte groep had grofweg zeven op de tien woningen met koeling zonnepanelen, tegenover ongeveer vier op de tien woningen zonder koelvoorziening, zo blijkt uit figuur 5.3 van het onderzoek.

Dat kan gunstig zijn voor de combinatie van koeling en zonne-energie. De elektriciteitsvraag van een airco neemt juist toe op warme, zonnige dagen, wanneer zonnepanelen doorgaans veel elektriciteit produceren. Een deel van de extra elektriciteitsvraag kan daardoor direct met eigen zonnestroom worden ingevuld.

Hoe groot dat effect precies is, kan uit het onderzoek echter niet worden geconcludeerd. Het CBS moest de productie van zonnepanelen modelleren en constateert zelfs bij woningen zonder koeling een zomerse verbruikspiek wanneer zonnepanelen aanwezig zijn. De onderzoekers noemen de schatting van de zonnestroomproductie daarom expliciet als een bron van onzekerheid.

De elektriciteitsvraag door koeling is daarmee op jaarbasis nog klein, terwijl het aantal airconditioners wel snel toeneemt. Sinds 2020 worden jaarlijks meer dan 200.000 omkeerbare lucht-luchtwarmtepompen bij woningen geïnstalleerd. Hoe sterk koeling uiteindelijk op zomerse piekmomenten doorwerkt in het elektriciteitssysteem, kan met de maandelijkse meetdata uit dit onderzoek nog niet worden vastgesteld. Daarvoor zijn volgens het CBS slimme-metergegevens met een hogere meetfrequentie nodig.