Bijmengverplichting groen gas komt dichterbij: invoering in 2027
Terug
Het kabinet zet een volgende stap richting de invoering van een verplichte bijmenging van groen gas. De verdere uitwerking van de regelgeving is voorgelegd aan de Raad van State. De Tweede Kamer heeft eerder al ingestemd met het wetsvoorstel. Dat wordt nu voor behandeling naar de Eerste Kamer geleid. Het kabinet mikt op invoering per januari 2027.
Het wetsvoorstel lag al eerder bij de Raad van State, maar zij had nog kritiek op enkele uitwerkingspunten rondom de regelgeving. Nu deze zijn uitgewerkt, is het voorstel opnieuw naar de Raad van State gestuurd.
Energieleveranciers moeten vanaf januari 2027 verplicht bijdragen aan de verduurzaming van de gasvoorziening. De jaarlijkse verplichting moet oplopen tot een CO₂-reductie van 2,85 megaton vanaf 2031.
Met de verplichting wil het kabinet de productie en het gebruik van groen gas stimuleren en de uitstoot van broeikasgassen terugdringen. Groen gas wordt gemaakt uit onder meer organische reststromen en afval. Het kan zonder aanpassingen aan de bestaande gasinfrastructuur aardgas vervangen.
Verplichting loopt op tot 2031
De hoeveelheid groen gas waarvoor energieleveranciers verantwoordelijk worden, hangt af van hun aandeel in de gaslevering aan sectoren die onder het Europese emissiehandelssysteem ETS2 vallen. Daarmee wil het kabinet de verplichting verdelen over de verschillende leveranciers.
De maatregel moet in 2027 een CO₂-besparing opleveren die overeenkomt met 0,63 megaton. Vanaf 2031 loopt die doelstelling op tot 2,85 megaton per jaar. De verplichting is vooralsnog voorzien tot en met 2040.
Volgens berekeningen van het ministerie bedragen de extra kosten in het eerste jaar maximaal 1,5 cent per kubieke meter gas. In 2031 kan dat oplopen tot maximaal 9 cent per kubieke meter. Voor een gemiddeld huishouden met een gasgestookte verwarming komt de meerprijs in 2027 naar verwachting neer op ongeveer 15 euro per jaar, exclusief btw.
Toezicht op herkomst en duurzaamheid
Om te waarborgen dat het ingeboekte gas daadwerkelijk aan de duurzaamheidseisen voldoet, worden voorwaarden gesteld aan de herkomst en de vermindering van broeikasgasemissies. De Nederlandse Emissieautoriteit (NEa) wordt verantwoordelijk voor een belangrijk deel van de uitvoering en het toezicht.
Leveranciers moeten voor het ingeboekte groene gas zowel garanties van oorsprong als bewijzen van duurzaamheid kunnen overleggen. De NEa gaat bovendien jaarlijks gegevens publiceren over de hoeveelheid groen gas die beschikbaar is en de hoeveelheid die voor de verplichting is ingeboekt.
Evaluatie uiterlijk in 2029
Het kabinet wil de regeling uiterlijk in 2029 evalueren. Daarbij wordt onder meer gekeken naar de effecten op de uitstoot van CO₂, methaan en stikstof. Ook de gevolgen voor huishoudens, bedrijven en de Nederlandse groengassector worden onderzocht.
Daarnaast wil het kabinet vanaf de invoering volgen of de stimulering van groen gas uit mestvergisting ongewenste gevolgen heeft. Op basis van die monitoring kan worden beoordeeld of aanvullende maatregelen nodig zijn.
De minister voor Klimaat en Groene Groei, Sophie Hermans' opvolger in de portefeuille, Stientje van der Meer-van Veldhoven, stelt dat de maatregel zowel de klimaatdoelen als de vermindering van de afhankelijkheid van gasimport moet ondersteunen.

























