De warmtepomp wordt slim. En de rest van het huis?

Terug
28.10.2026 Column
Jasper Foppele Hoofd marketing bij Homey
De warmtepomp wordt slim. En de rest van het huis?

Als het aan het kabinet ligt, wordt de slimme, hybride warmtepomp vanaf 2029 de standaard bij vervanging van de cv-ketel, tenzij de woning op een warmtenet komt. Dat maakte het kabinet begin oktober bekend. Wat ‘slim’ precies betekent, staat in een technische afspraak. In de aankondiging komt het neer op één ding: de warmtepomp verwarmt bij voorkeur als het rustig is op het stroomnet of als de stroomprijs laag ligt. Verstandig. Alleen kijkt die definitie naar buiten, naar het net en de markt. Wat er in het huis zelf gebeurt, blijft buiten beeld.

En juist daar gebeurt steeds meer. Op het dak liggen zonnepanelen, bij de oprit hangt een laadpaal en in de garage staat soms een thuisbatterij. Elk apparaat heeft zijn eigen software en app. Fabrikanten bieden steeds vaker energiemanagement aan, maar dat werkt meestal alleen goed als alles van hetzelfde merk is. Komen de warmtepomp en de omvormer van verschillende merken, dan heb je twee systemen die elk hun eigen gang gaan.

Het patroon is herkenbaar. Rond het middaguur levert het dak meer dan het huis verbruikt, en het overschot gaat het net op. ’s Avonds draait de warmtepomp op netstroom en komt de auto thuis om te laden, op het moment dat het net al het drukst is. De batterij is dan misschien al leeg, omdat hij eerder op de dag het gewone verbruik heeft opgevangen. Geen van die apparaten doet iets fout. Ze weten alleen niets van elkaar.

Voor die afstemming bestaan er energiemanagementsystemen voor thuis, kortweg HEMS. Zo’n systeem leest opwek en verbruik uit en stuurt apparaten aan op basis van wat de bewoner belangrijk vindt, bijvoorbeeld een lage energierekening of zo veel mogelijk eigen zonnestroom. De warmtepomp gaat dan wat eerder verwarmen als de zon schijnt, binnen de temperatuurgrenzen die de bewoner zelf instelt. Vraagt de warmtepomp vol vermogen, dan wacht de laadpaal even. De boiler warmt op met stroom van het eigen dak. En de bewoner ziet op één plek waar zijn energie naartoe gaat, in plaats van in vier losse apps.

Of dat lukt, hangt vooral af van de vraag of een apparaat zich laat aansturen. Sommige warmtepompen hebben een lokale koppeling, zoals SG Ready, Modbus of een open API. Andere bieden alleen een cloudkoppeling, of helemaal niets. De open standaard Matter ondersteunt inmiddels ook warmtepompen, laadpalen en thuisbatterijen, maar in de praktijk zijn er nog weinig apparaten die deze standaard gebruiken.

Daar ligt een rol voor de installateur, en die begint bij het offertegesprek. Kan deze warmtepomp door een ander systeem worden aangestuurd, en hoe? Past hij bij de omvormer en laadpaal die er al hangen? Wie dat vooraf uitzoekt, bespaart de klant een teleurstelling als die over twee jaar een batterij wil toevoegen.

Daarnaast is er een vraag waar de sector nog geen goed antwoord op heeft. Wie is verantwoordelijk als apparaten van uiteenlopende merken, geplaatst door verschillende installateurs, niet samenwerken? Nu valt dat vaak tussen wal en schip. Een installateur die het hele energiesysteem van een woning overziet, kan dat gat vullen en er een dienst van maken.

Het kabinet werkt de plannen voor 2029 de komende tijd uit, onder meer samen met de installatiebranche. Dat is het moment om breder te kijken naar wat slim is. Een warmtepomp die luistert naar het stroomnet is een goed begin. Maar de bewoner merkt pas echt verschil als diezelfde warmtepomp ook rekening houdt met de zonnepanelen, de laadpaal en de batterij in hetzelfde huis.

Een warmtepomp die luistert naar het stroomnet is een goed begin. Maar een écht slim huis vraagt om meer: apparaten die met elkaar communiceren, ongeacht het merk. De techniek daarvoor bestaat al. Nu is het aan fabrikanten en installateurs om die samenwerking nog beter mogelijk te maken.