Kabinet wil woningisolatie versnellen met Energiehuis en Nationaal Isolatieoffensief

Terug
03.07.2026 Van de redactie
Gijs de Koning Gijs de Koning E-mail Hoofdredacteur
Kabinet wil woningisolatie versnellen met Energiehuis en Nationaal Isolatieoffensief

Het kabinet wil meer tempo maken met het isoleren van woningen. Daarvoor worden het Nationaal Isolatieoffensief en het Energiehuis ingezet. Die moeten huishoudens sneller naar subsidies, financiering, advies en uitvoering leiden. De extra inzet is nodig om het doel van het Nationaal Isolatieprogramma te halen: 2,5 miljoen geïsoleerde woningen in 2030.

Minister Elanor Boekholt-O’Sullivan van Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening schrijft in een Kamerbrief dat de bestaande aanpak resultaat oplevert, maar nog onvoldoende tempo heeft. Vooral huishoudens met lage inkomens, particuliere huurders, Verenigingen van Eigenaars en bewoners in slecht geïsoleerde woningen blijven achter.

Het kabinet heeft dit voorjaar 300 miljoen euro vrijgemaakt om woningen sneller te isoleren. Dat geld loopt onder meer via de aanpak van energiearmoede, de Subsidieregeling verduurzaming voor verenigingen van eigenaars (SVVE) en het Nationaal Warmtefonds. Van dat bedrag is 80 miljoen euro bedoeld voor extra inzet van energiecoaches, energiefixers en het Energiehuis. Daarnaast is 15 miljoen euro beschikbaar gesteld voor de aanpak van energiearmoede in gebieden van het Nationaal Programma Leefbaarheid en Veiligheid (NPLV).

Eén loket voor verduurzaming

Het Energiehuis moet het centrale punt worden waar bewoners en op termijn ook bedrijven terechtkunnen voor informatie, advies en ondersteuning bij verduurzaming. Het kabinet noemt het een groeimodel, waarbij bestaande instrumenten niet worden vervangen, maar beter aan elkaar worden gekoppeld.

De landelijke basis wordt gevormd door een doorontwikkeling van verbeterjehuis.nl. Dat platform moet bewoners stapsgewijs inzicht geven in de verduurzaming van hun woning, van de huidige staat tot de isolatiestandaard en mogelijke vervolgstappen. Daarbij wordt gewerkt aan een verbeterde rekenkern, de Renovatieverkenner. Ook intermediairs zoals makelaars, taxateurs, energieprestatie-adviseurs, hypotheekadviseurs en installateurs moeten beter op deze klantreis worden aangesloten.

Naast de digitale ondersteuning komt er lokale hulp via gemeenten, energiecoaches, energiefixers en andere professionals. Die lokale inbedding is volgens de minister vooral belangrijk voor huishoudens die niet vanzelf tot verduurzaming komen of moeite hebben met subsidieaanvragen, financiering en het organiseren van werkzaamheden.

Gemeenten krijgen extra ondersteuning

Het Nationaal Isolatieoffensief moet vooral op korte termijn versnelling brengen. Het kabinet zet daarbij in op vier sporen: standaardisatie en meer regie op de uitvoering, extra inzet tegen energiearmoede in NPLV-gebieden, intensievere samenwerking tussen markt en overheid en de verdere ontwikkeling van het Energiehuis.

Gemeenten krijgen praktische hulpmiddelen, standaardformats en voorbeelden van aanpakken die al werken. Ook komt er een versterkingsteam isolatie via het Nationaal Programma Lokale Warmtetransitie. Dat team gaat gemeenten ondersteunen waar de lokale isolatieaanpak achterblijft. Het kan bijvoorbeeld helpen bij subsidieverordeningen, bewonersactivatie en begrijpelijke communicatie in wijken.

De minister wijst erop dat brieven alleen onvoldoende zijn om bewoners te bereiken. Daarom wordt ingezet op landelijke campagnes, white label communicatiemateriaal voor gemeenten en meer persoonlijk contact, bijvoorbeeld via huisbezoeken.

Meer aanvragen, maar nog grote opgave

Volgens het kabinet neemt het gebruik van bestaande regelingen toe. Het aantal ISDE-aanvragen steeg van 97.000 in 2022 naar 212.000 in 2025. Het Nationaal Warmtefonds verstrekte in dezelfde periode meer leningen: van 15.000 in 2022 naar 31.000 in 2025. Ook het aantal SVVE-aanvragen nam toe, van 558 in 2023 naar 673 in 2025.

In de sociale huursector daalde het aantal woningen met energielabel E, F of G van circa 247.000 medio 2022 naar circa 115.000 in 2025. Voor corporatiewoningen ligt de uitfasering van deze labels uiterlijk in 2028 volgens de minister op schema. Tegelijk waren er in 2025 nog ongeveer 360.000 huurwoningen met een E-, F- of G-label, waarvan 220.000 particuliere huurwoningen.

Ook de lokale isolatieaanpak groeit. Dit jaar zijn via gemeenten ruim 80.000 woningen aangepakt met één of meer grote isolatiemaatregelen. In 2024 waren dat er nog 20.000. Toch ziet het kabinet grote verschillen tussen gemeenten. Sommige gemeenten hebben al meer dan de helft van hun isolatieopgave gerealiseerd, terwijl andere nog moeilijk op gang komen.

Energiearmoede blijft knelpunt

De versnelling richt zich nadrukkelijk op huishoudens die kwetsbaar zijn voor hoge energiekosten. In de Kamerbrief verwijst de minister naar cijfers waaruit blijkt dat in 2024 510.000 huishoudens met energiearmoede kampten. Nog eens 1 miljoen huishoudens lopen risico op energiearmoede bij stijgende energieprijzen.

In NPLV-gebieden is het aandeel huishoudens met energiearmoede volgens de brief twee keer zo hoog als landelijk. De extra 15 miljoen euro voor deze gebieden kan worden ingezet voor bijvoorbeeld meerdere huisbezoeken, energieadvies, energiefixers en eenvoudige energiebesparende maatregelen. Het kabinet verwacht de Tweede Kamer in september verder te informeren over de aanpak in deze gebieden.

Nog uitwerking nodig

Het Energiehuis wordt gefaseerd opgebouwd. In de eerste fase ligt de nadruk op kwetsbare huishoudens en individuele woningeigenaren. Vanaf 2027 moet de dienstverlening worden uitgebreid naar andere doelgroepen, waaronder maatschappelijk vastgoed en het mkb.

Daarmee kiest het kabinet voor meer regie en standaardisatie in de verduurzaming van gebouwen. De vraag blijft hoe snel gemeenten, marktpartijen en uitvoerders de extra ondersteuning kunnen omzetten in concrete isolatiemaatregelen. Ook arbeidsmarktkrapte, faillissementen van uitvoerders, het bereiken van kwetsbare huishoudens en regels rond natuurvriendelijk isoleren blijven aandachtspunten.