Zo ziet de verdeling van nieuwe warmtenetprojecten in Nederland er uit

03.03.2026 Marijne Smit

Zo ziet de verdeling van nieuwe warmtenetprojecten in Nederland er uit

Er zijn 151 warmtenetten in ontwikkeling in Nederland. Dit blijkt uit een rapport van RVO en het Nationaal Programma Lokale Warmtetransitie (NPLW) . Het rapport brengt in kaart waar de warmtenetprojecten in ontwikkeling zijn en hoeveel aansluitingen ze moeten gaan realiseren.

Van de 151 warmtenetten zijn er 79 projecten in de uitwerkingsfase, 28 in de ontwikkelfase en 35 in de uitvoeringsfase, blijkt uit het overzicht. Voor de overige projecten is het nog onzeker of de ontwikkeling wel wordt doorgevoerd.

In totaal moeten alle warmtenetten zo’n 500.000 aansluitingen realiseren door heel Nederland, waarvan de meeste in stedelijke gebieden.

De warmtenetten gebruiken verschillende duurzame bronnen om gebouwen te verwarmen en te koelen: aquathermie, bodemenergie en restwarmte van industrie en datacenters. Veel warmtenetten maken gebruik van meerdere bronnen omdat een enkele bron niet altijd genoeg warmte kan bieden of is afhankelijk van een seizoen.

Ongeveer een kwart tot een derde van de warmtenetten krijgt meer dan 1.500 aansluitingen. Het exacte aantal woningen dat hierop kan aansluiten is nog niet bekend, omdat veel projecten zich nog in een ontwikkelfase bevinden.

De grootste stappen worden gemaakt in Groningen en Twente. In de provincie Groningen werken de gemeente en regionale partijen namelijk aan de voorbereiding van elf regionale warmtenetten die samen goed zijn voor 90.000 aansluitingen. In Twente zijn gemeenten en regionale partners hard aan het werk om een warmtenet op te zetten dat restwarmte gebruikt van de lokale afvalverwerker Twence. Het bedrijf kan 100.000 woningen voorzien van hogetemperatuurwarmte.

Bewonersinitiatieven: vooral bij kleinere warmtenetten

Het rapport laat ook zien bij welke warmtenetten bewoners betrokken worden. Dit gebeurt vooral bij de wat kleinere warmtenetten met maximaal 1.500 aansluitingen. De bewoners investeren, denken mee over het ontwerp of de keuze van de warmtebron en nemen soms deel aan het beheer. De meeste bewonersinitiatieven worden gestart in de provincie Utrecht, het zuidelijke deel van Noord-Holland. Daarnaast zijn er ook een aantal bewonersinitiatieven in de provincies Groningen en Friesland én op de Waddeneilanden.

Warmtenetten ontwikkelen met het buitenland

Warmtenetten laten zich niet beperken door landsgrenzen. Het rapport noemt bijvoorbeeld een initiatief in Zuid-Limburg waarbij een samenwerking met Duitsland en België plaatsvindt genaamd Cross_Heat. Verschillende onderzoeksorganisaties en regionale partners doen mee. Het doel van het project is om restwarmte van fabrieken te gebruiken voor duurzame verwarming van fabrieken en huizen in de Euregio Maas–Rijn, minder afhankelijk zijn van fossiele brandstoffen en stabielere, lagere warmtetarieven.

Cross_Heat bestudeerd of het technisch en financieel haalbaar is om zo’n grensoverschrijdend warmtenetwerk aan te leggen. Zo wordt bekeken of deze manier van verwarmen een betrouwbaar een betaalbaar alternatief kan zijn voor bedrijven en woningen. Verdeeld over zes warmtenetten komen er in totaal ruim 81.000 aansluitingen. Het onderzoeksproject begon vorige zomer en loopt tot juli 2028.