Warmtepomp blijft in België kunstmatig duur door belastingstructuur
02.01.2026 Gijs de Koning

Warmtepompen zijn in België vaak duurder in gebruik dan gas of stookolie, niet door hun efficiëntie, maar door het belastingstelsel. Uit nieuw federaal onderzoek blijkt dat hoge accijnzen en netbeheerkosten op elektriciteit, gecombineerd met lage belastingen op fossiele brandstoffen, de overstap naar elektrische verwarming structureel afremmen. Daardoor blijven warmtepompen in slecht en matig geïsoleerde woningen financieel onaantrekkelijk, terwijl ze technisch juist de schoonste optie zijn.
Opvallend is dat warmtepompen in alle woningtypes de laagste pure energiekosten hebben. Toch vallen ze financieel vaak duurder uit dan gas en stookolie. De oorzaak zit niet in de techniek, maar in de prijsopbouw: op elektriciteit rusten in België veel hogere accijnzen en netkosten dan op fossiele brandstoffen. Daardoor worden warmtepompen fiscaal benadeeld, terwijl vervuilende ketels juist worden ontzien.
Warmtepomp is goedkoop in energie, maar duur in belastingen
In het onderzoek werd gekeken naar de kosten voor verwarmen in drie typen huizen: slecht geïsoleerd, gemiddeld geïsoleerd en goed geïsoleerd. Hieruit bleek dat verwarmen met pellets per megawattuur voor slecht en gemiddeld geïsoleerde huizen in België het goedkoopst is. Voor slecht geïsoleerde huizen kost verwarmen met gas per megawattuur 41 euro meer, met stookolie 99 euro meer en met een warmtepomp per megawattuur maar liefst 662 euro meer.
In gemiddeld geïsoleerde huizen in België verandert die situatie al. Daar blijft verwarmen met pellets het goedkoopst, maar kost verwarmen met gas 26 euro meer, met stookolie 63 euro meer en met een warmtepomp nog slechts 140 euro meer.
De warmtepomp blijkt bij goed geïsoleerde huizen de goedkoopste optie om mee te verwarmen. Verwarmen met pellets is hier 15 euro duurder per megawattuur, gas 29 euro en stookolie 49 euro.
| Woningtype | Goedkoopste optie | Gas t.o.v. goedkoopste | Stookolie t.o.v. goedkoopste | Warmtepomp t.o.v. pellets |
|---|---|---|---|---|
| Slecht geïsoleerd | Pellets | + €41 | + €99 | + €662 |
| Gemiddeld geïsoleerd | Pellets | + €26 | + €63 | + €140 |
| Goed geïsoleerd | Warmtepomp | + €29 | + €49 | - €15 |
Wat volgens de onderzoekers opmerkelijk is, is dat de kostprijs voor de energie zelf in alle gevallen het laagst is voor warmtepompen, zelfs bij slecht geïsoleerde huizen. Het verschil in kosten komt dus door netbeheerkosten en accijnzen. Als kanttekening geven de onderzoekers aan dat hierbij niet is gekeken naar subsidies, investeringskosten en onderhoudskosten. Door subsidies zijn warmtepompen het voordeligst voor huishoudens met lage inkomens in Vlaanderen met gemiddeld en goed geïsoleerde huizen. In Wallonië en Brussel zijn warmtepompen niet voordeliger.
De onderzoekers concluderen dat het verkleinen van het belastingverschil tussen elektriciteit en zowel gas als stookolie een noodzakelijke stap is om meer te verwarmen met warmtepompen en zo te komen tot een groenere verwarmingsmix. Zowel de federale als de Vlaamse bijdrage aan het Nationaal Energie- en Klimaatplan bevatten plannen voor een belastingverschuiving van elektriciteit naar fossiele brandstoffen.
België belast elektriciteit zwaarder dan buurlanden
België is een van de weinige landen waar elektriciteit zwaarder wordt belast dan gas. Het onderzoek vergeleek ook de prijzen van elektriciteit, olie en gas in België met Frankrijk, Duitsland en Nederland. In tegenstelling tot Frankrijk en Duitsland hanteren Nederland en België nog geen heffing op de uitstoot van CO₂ in de energieprijzen voor huishoudens. Van de vier landen hanteert België de laagste belastingen op gas en stookolie. Hierdoor zijn de gasprijzen in België het laagst en is stookolie vergelijkbaar met die in Duitsland. Op elektriciteit worden in België in vergelijking met de drie andere landen de meeste accijnzen geheven.
Om te bepalen of warmtepompen voordelig zijn voor Belgische huishoudens keken de onderzoekers naar de verhouding tussen de elektriciteitsprijs en de gasprijs. Zij stellen dat deze verhouding zodanig moet zijn dat de warmtepomp zich in tien jaar terugverdient om een rendabele keuze te zijn voor huishoudens. Om dit te bewerkstelligen mag de elektriciteitsprijs volgens de onderzoekers maximaal 2,1 keer hoger zijn dan de gasprijs. In België komt deze ratio uit op 4,1 en voor Duitsland op 3,2. Nederland en Frankrijk vallen wel binnen deze ratio: voor Frankrijk is deze verhouding 2 en voor Nederland zelfs 1,6.
ETS2 helpt, maar is onvoldoende voor een doorbraak
Om de warmtepomp in België tot een breed geïmplementeerde technologie te laten uitgroeien, zullen er dus aanpassingen moeten worden gemaakt in de accijnzen en belastingen. Het nadeel hiervan is dat de overheid inkomsten misloopt als de belastingen omlaaggaan. Nieuwe Europese wetgeving helpt hierbij. De komst van ETS2, waarbij er meer kosten komen voor het uitstoten van broeikasgassen via fossiele brandstoffen, zal bijvoorbeeld voor de Belgische federale overheid meer inkomsten genereren die kunnen worden geïnvesteerd in de energietransitie. ETS2 zal ook de prijsverhoudingen tussen de energiebronnen iets gunstiger maken voor de warmtepomp, maar volgens de onderzoekers is dit nog niet genoeg om de verhouding in de komende jaren richting de 2,1 te brengen.



























