ETS2 maakt aardgas duurder voor huishoudens vanaf 2028

13.05.2026 Gijs de Koning

ETS2 maakt aardgas duurder voor huishoudens vanaf 2028

Het nieuwe Europese emissiehandelssysteem ETS2 gaat vanaf 2028 doorwerken in de energierekening van Nederlandse huishoudens. Vooral huishoudens die aardgas gebruiken voor verwarming en daarnaast op benzine of diesel rijden, krijgen te maken met hogere kosten. Volgens het Planbureau voor de Leefomgeving kunnen de extra kosten in 2030 oplopen van ongeveer 10 tot 70 euro per maand.

Nieuwe CO₂-prijs op aardgas, benzine en diesel

ETS2 is het nieuwe Europese emissiehandelssysteem voor fossiele brandstoffen in onder meer de gebouwde omgeving en het wegvervoer. Brandstofleveranciers moeten straks emissierechten kopen voor de CO₂-uitstoot van de aardgas, benzine en diesel die zij leveren. Die kosten worden naar verwachting doorberekend aan huishoudens.

Voor de warmtetransitie is vooral de impact op aardgas relevant. Huishoudens met een cv-ketel krijgen via hun gasverbruik te maken met ETS2-kosten. Huishoudens met een volledig elektrische warmtepomp betalen volgens het PBL geen ETS2-meerkosten voor verwarming. Bij hybride warmtepompen blijft dat afhankelijk van het resterende gasverbruik.

Grote verschillen tussen huishoudens

De financiële gevolgen verschillen sterk per huishouden. Een eigenaar van een klein appartement met een cv-ketel en een benzineauto die 6.000 kilometer per jaar rijdt, betaalt in 2030 naar verwachting ongeveer 10 tot 20 euro per maand extra. Bewoners van een grote vrijstaande woning die 20.000 kilometer per jaar rijden, betalen naar verwachting 30 tot 70 euro per maand extra.

Daarmee raakt ETS2 huishoudens die veel fossiele energie gebruiken het hardst. Dat zijn niet automatisch huishoudens die ook de meeste mogelijkheden hebben om te verduurzamen. Een slecht geïsoleerde woning, een beperkt inkomen of afhankelijkheid van een verhuurder kan de overstap naar isolatie, een warmtepomp of elektrisch vervoer vertragen.

Warmtepomp wordt relatief aantrekkelijker, maar niet vanzelf bereikbaar

Door ETS2 wordt aardgas duurder ten opzichte van elektriciteit. Dat kan de businesscase voor elektrische verwarming verbeteren, zeker bij goed geïsoleerde woningen en bij huishoudens die hun gasverbruik sterk kunnen terugbrengen. Voor installateurs en warmteadviseurs wordt het daarom belangrijker om ETS2 mee te nemen in berekeningen rond de overstap naar een warmtepomp.

Tegelijkertijd is de conclusie niet dat een warmtepomp voor elk huishouden direct de beste oplossing is. De investering blijft afhankelijk van woningtype, isolatieniveau, afgiftesysteem, elektriciteitsprijs, subsidie en netaansluiting. Bij woningen die nog niet geschikt zijn voor lagetemperatuurverwarming kan isolatie eerst nodig zijn.

Risico op energiearmoede

Het PBL waarschuwt dat ETS2 het risico op energie- en vervoersarmoede vergroot. Niet alle huishoudens kunnen hun woning of vervoer snel verduurzamen. Huurders zijn bovendien afhankelijk van investeringsbeslissingen van verhuurders. Daardoor kunnen juist kwetsbare huishoudens langer vastzitten aan aardgas, benzine of diesel.

De Europese Unie heeft hiervoor het Sociaal Klimaatfonds ingericht. Dat fonds moet kwetsbare huishoudens en kleine bedrijven ondersteunen bij onder meer energiebesparing, schonere verwarming en emissievrije mobiliteit. De precieze Nederlandse inzet blijft belangrijk voor de vraag of ETS2 de warmtetransitie versnelt zonder het draagvlak verder onder druk te zetten.

Politieke keuze blijft bepalend

Volgens het PBL is voorspelbaarheid van de CO₂-prijs belangrijk. Een te lage prijs geeft weinig prikkel om te verduurzamen, terwijl een te hoge prijs kwetsbare groepen in de problemen kan brengen. Het planbureau noemt daarom een prijsontwikkeling met een onder- en bovengrens als mogelijke manier om meer zekerheid te geven aan huishoudens en investeerders.

Voor de warmtesector maakt ETS2 de richting duidelijker: aardgasgestookte verwarming wordt duurder en elektrische alternatieven worden relatief aantrekkelijker. Maar zonder gericht beleid, financiering en ondersteuning voor kwetsbare huishoudens kan die prijsprikkel ook averechts werken. De komende jaren wordt daarom niet alleen de hoogte van de CO₂-prijs belangrijk, maar vooral de manier waarop de opbrengsten worden teruggesluisd naar huishoudens die zelf weinig handelingsperspectief hebben.