Waterzijdig inregelen: het vergeten fundament onder de warmtepompinstallatie

17.02.2026 Gijs de Koning

Waterzijdig inregelen: het vergeten fundament onder de warmtepompinstallatie

Het comfort en de efficiëntie van een warmtepomp valt of staat met het waterballet dat de installateur uitvoert na de installatie. Het perfect balanceren van het systeem behoeft veel kennis en oefening. Met de groeiende vraag naar volledig elektrische warmtepompen nemen de uitdagingen toe, maar hoe houdt de installateur hier het hoofd boven water?

Een warmtepomp is in staat om meer comfort te bieden dan een hr-ketel, want deze is technisch superieur, stelt Nando Tolboom. Met Heat Geek werkt hij aan het verdiepen van de kennis bij installateurs, met als doel het kennis- en installatieniveau te verhogen. Problemen bij warmtepompinstallaties liggen volgens hem zelden bij de warmtepomp, maar liggen meestal bij de manier waarop het systeem is ontworpen en ingeregeld.

Uiteindelijk levert de warmtepomp de meeste besparing in uitstoot en op de energierekening als deze zo optimaal mogelijk werkt. Heat Geek wil dit bereiken door installateurs een natuurkundig fundament mee te geven in hun werk. Tolboom benadrukt daarbij dat een warmtepomp nooit op zichzelf staat, maar altijd onderdeel is van een groter geheel.

Hij gebruikt daarvoor het beeld van een drieslag: woning, afgiftesysteem en warmtepomp. “Je hebt eigenlijk een wipwap met drie zitplaatsen: de woning, het afgiftesysteem en de warmtepomp. Die drie moeten met elkaar in balans zijn. Als je één van die drie vergeet, kun je niet begrijpen waarom een systeem doet wat het doet”, legt Tolboom uit.

Tolboom stelt dat hij waterzijdig inregelen daarom benadert vanuit de ‘waaromvraag’. Pas wanneer de installateur begrijpt waarom bepaalde handelingen nodig zijn, kan hij die kennis toepassen in uiteenlopende situaties. Dat maakt het mogelijk om systemen niet volgens een vast recept, maar op basis van inzicht te ontwerpen en in te regelen. Hiermee volgt “hoe” het moet, uit de kennis van “waarom” het zo moeten zou zijn.

Wat is waterzijdig inregelen?

Waterzijdig inregelen is het zodanig afstellen van een warmtepomp op het huis en het afgiftesysteem dat het geheel optimaal functioneert. Tolboom legt uit: “Waterzijdig inregelen is het toevoegen van weerstand bij bepaalde radiatoren of vloerverwarmingslussen zodat deze in balans zijn met de natuurlijke weerstand van het systeem. Je voegt weerstand toe totdat de hoeveelheid water die ‘rechtsaf wil’, in balans is met wat ‘rechtdoor moet’. Zo dwing je het water om zich netjes over het systeem te verdelen.”

Die verdeling is belangrijk, omdat water altijd de weg van de minste weerstand kiest. “Als één radiator makkelijk ‘kortsluit’, gaat daar al het water doorheen. Dan blijft de rest van het systeem structureel onderbediend”, zegt Tolboom. Dit hydraulische kortsluiten zorgt ervoor dat sommige ruimtes te warm worden, terwijl andere niet op temperatuur komen. Dit probleem kan onterecht aan de warmtebron zelf worden toegeschreven.

Statisch of dynamisch inregelen

Er zijn twee methodes om waterzijdig in te regelen: statisch of dynamisch. Bij warmtepompen, waarbij de pomp door de warmtepomp wordt aangestuurd, is kennis van beide kanten van het systeem noodzakelijk om de juiste methodiek te kiezen. Hoe stuurt mijn warmtepomp de circulatiepomp aan en hoe gaat het systeem daarop reageren?

Statisch inregelen betekent dat de doorstroming per radiator of lus éénmalig wordt ingesteld op vaste ontwerpcondities. Die instellingen blijven gelijk, ongeacht veranderende warmtevraag of druk in het systeem. Bij warmtepompen met een constant debiet (hoeveel water er op een gegeven moment door het systeem stroomt) en een open systeemontwerp geeft dit het voordeel dat als het eenmaal raak is, het altijd raak zal zijn. Andere warmtepompen zorgen ervoor dat de warmteafgifte goed is door de hoeveelheid water dat door het systeem loopt te moduleren, hierbij blijft het temperatuurverschil in de warmtepomp constant.

Dynamisch inregelen gebruikt drukonafhankelijke ventielen die de doorstroming automatisch aanpassen aan wisselende omstandigheden in het systeem. Dit zorgt voor flexibiliteit en neemt ook een deel van het hydraulische ontwerp uit handen van de installateur.

Tolboom is terughoudend met het dynamisch inregelen omdat het volgens hem ontwerpfouten maskeert in plaats van ze op te lossen. Dynamische ventielen corrigeren druk- en debietproblemen automatisch, maar nemen de installateur het inzicht in stroming, weerstand en pompwerking uit handen.

Voor warmtepompsystemen, die gebaat zijn bij voorspelbare en stabiele hydrauliek, hoopt Tolboom daarom op een goed doorgerekend en statisch ingeregeld systeem, waarin de natuurkunde leidend is en niet de regeltechniek. “Soms moet je nadenken: kan ik een beter of een gelijkwaardig resultaat bereiken met minder materiaal, maar met meer kennis?” Tegelijkertijd neemt dit niet weg dat met dynamisch inregelen ook een uitstekend functionerend systeem gemaakt kan worden, en de installateur zelf zijn overweging moet kunnen maken.

Waarom is waterzijdig inregelen belangrijk?

De waaromvraag begint volgens Tolboom bij het uitleggen hoe de warmte wordt toegevoegd aan het systeem. Hierin zijn namelijk grote verschillen tussen de warmtepomp en de hr-ketel. “De efficiëntie van een warmtepomp wordt bepaald door de aanvoertemperatuur. De efficiëntie bij een hr-ketel wordt bepaald door de retourtemperatuur. Dus bij een hr-ketel heb je de prikkel om te vertragen en het verschil in aanvoertemperatuur en uitvoertemperatuur te vergroten, terwijl je bij een warmtepomp juist wil vernauwen in temperatuur”, legt Tolboom uit.

Tolboom gaat verder: “Een warmtepomp wil op een minimaal verschil tussen de aanvoer- en retourtemperatuur draaien en komt daar in de praktijk uit op ongeveer 5 graden verschil bij het maximale vermogen. Dan is het apparaat op zijn efficiëntst, in afweging met het elektriciteitsverbruik van de circulatiepomp. Dat betekent dat er veel meer liters water verplaatst worden dan bij een gelijkwaardig geleverd vermogen van een hr-ketel. En dat heeft directe gevolgen voor het ontwerp én het inregelen van het hele systeem.”

Een warmtepomp kan volgens Tolboom het comfort van een hr-ketel gemakkelijk overtreffen. Omdat een warmtepomp zijn vermogen veel verder en nauwkeuriger kan terugregelen dan een hr-ketel, sluit de warmteafgifte beter aan op de daadwerkelijke warmtevraag. Daardoor ontstaat een constantere binnentemperatuur en meer comfort. Dit is ook terug te lezen in de enquêtes van Installatiemonitor.

“Waterzijdig inregelen is daarin absoluut kritisch voor comfort. Je kunt nog zoveel toeters en bellen op een installatie hebben, maar comfort volgt de weg waar het water stroomt; inregelen is daarmee dus de basis”, betoogt hij.

Ook onderzoek van de universiteit van Oxford ondersteunt dat beeld. Dit onderzoek laat zien dat er een behoorlijke prestatiekloof ontstaan als het inregelen en instellen van de warmtepomp niet goed is gedaan. Ook Tolboom is bekend met het onderzoek en voegt toe dat de meeste van de installaties in de HeatpumpMonitor.org-dataset zijn gedaan door installateurs die volgens de Heat Geek-methodiek werken en de training hebben afgerond.

De toekomst van de warmtepomp

Volgens Tolboom wordt de toekomst van warmtepompen in Nederland niet beperkt door techniek, maar door beleid en kennisniveau. Doordat de huidige subsidies zich vrijwel uitsluitend richten op één zijde van de driehoek tegelijk, namelijk de warmtepomp of isolatie/ventilatie, en niks op afgifte en al helemaal niet in een systeemperspectief met de juiste randvoorwaarden, ontstaat een markt waarin installateurs niet worden gedwongen het geheel in perspectief te zetten.

In vergelijking met landen als Engeland en Duitsland leidt dat tot slechter ontworpen systemen en onnodige netimpact, terwijl het probleem volgens Tolboom vooral in de voorbereiding zit. Het is tijd voor een techniekneutrale systeemsubsidie, waarin de maatschappelijke waarde van netkosten ook meegewogen gaan worden.