Open deuren en eye-openers voor een inclusieve energietransitie

05.02.2026 Evelien Schreurs

Open deuren en eye-openers voor een inclusieve energietransitie

De participatiecoalitie deed de afgelopen jaren veel inzichten op in verschillende energieprojecten. De lessen die zij hebben opgedaan, hebben ze op een rij gezet. Deels zijn het voor de hand liggende punten, zoals het afstemmen van communicatie en activiteiten op verschillende doelgroepen, banden opbouwen met bewoners en samenwerken met bestaande netwerken. In hun analyse stuitten ze ook op eyeopeners: inzichten die een meer structurele verandering betekenen.

De Participatiecoalitie bestaat uit klimaatstichting HIER, de Natuur en Milieufederaties, Energie Samen, Buurkracht en LSA bewoners. Gezamenlijk zetten zij zich in voor een inclusieve energietransitie, waarin iedereen mee kan doen. De afgelopen jaren deden zij ervaringen op met verschillende energieprojecten en deelden de belangrijkste inzichten in een het document Inclusiviteit in de energietransitie: wat we écht geleerd hebben.

Hiervoor doken zij in ruim vijftig publicaties over een inclusieve energietransitie: “Wat blijkt? Veel lessen keren steeds terug. Zó herkenbaar zelfs, dat we ze de Open Deuren zijn gaan noemen. Maar tussen al die herhaling vonden we ook inzichten die minder vaak genoemd worden, maar juist verrassend effectief bleken: de eyeopeners.”

Open deuren

Ten eerste noemt de participatiecoalitie het belang van goede communicatie: “et gaat niet alleen om informatie geven, maar om het maken van begrijpelijke en betekenisvolle verbindingen met verschillende groepen mensen.” Geen vaktaal of ambtelijke taal, maar taal die aansluit bij het dagelijks leven van mensen, die aangepast is op bijvoorbeeld culturele gewoontes en behoeften. Daarbij moeten verschillende communicatiekanalen gebruikt worden, zoals een website, buurtnetwerken, persoonlijke gesprekken, om verschillende doelgroepen te bereiken.

Ten tweede is het belangrijk om te begrijpen dat verschillende mensen op verschillende manieren betrokken willen zijn bij energieprojecten. “Bij inclusieve participatie houd je rekening met verschillen in tijd, energie, vaardigheden, interesses en persoonlijke situaties.” Mensen moeten zowel laagdrempelig als intensief kunnen meedoen, en participatie moet flexibel zijn.

Ook moeten energiecoöperaties luisteren naar de bewoners en waar nodig is ook open staan voor het doen van aanpassingen. “Dit betekent in de praktijk dat projecten moeten worden opgezet als leerprocessen, niet als vaste plannen. Er moet ruimte zijn om bij te sturen, nieuwe inzichten te gebruiken en dingen uit te proberen. Hiervoor zijn andere manieren van financieren, plannen maken en samenwerken nodig.”

Ook is het van belang om sterke banden tussen buurtbewoners op te bouwen. “In hechte buurten lossen mensen samen problemen op. In buurten zonder sterke banden zien we meer egoïstisch gedrag en wantrouwen.” Vaak helpt het om praktische doelen te combineren van een sociaal doel, stelt de Participatiecoalitie, dat zorgt voor de meest geslaagde projecten.

De Participatiecoalitie raadt ook aan om samenwerking te zoeken met andere organisaties en bestaande netwerken. “Sportclubs kunnen soms bepaalde groepen mensen beter bereiken dan welzijnsorganisaties. Religieuze gemeenschappen worden soms meer vertrouwd dan de gemeente. Lokale ondernemers kunnen vaak sneller handelen dan grote organisaties.”

Ook praktische obstakels die mensen weerhoudt om deel te nemen in een energiecoöperatie moeten worden weggenomen. Het is daarom met name belangrijk om in te leven in de doelgroep.

Verder moet vertrouwen worden opgebouwd tussen de energiecoöperatie en deelnemers. Met name voor groepen die slechte ervaringen hebben met overheden of andere organisaties moet tijd worden gestoken in het opbouwen van vertrouwensrelaties.

Ten slotte is inclusief werken belangrijk: “Dit gaat verder dan alleen een divers bestuur hebben. Het betekent dat alle processen, culturen en structuren in de organisatie inclusief moeten zijn.” Sommige energiecoöperaties sluiten onbedoeld bepaalde mensen uit,

Eyeopeners

 “Waar Open Deuren vaak operationele aanbevelingen zijn, richten eyeopeners zich op systeemverandering en fundamentele verschuivingen in hoe we denken over en werken aan inclusiviteit”, stelt de Participatiecoalitie.

Zo moet er culturele toegankelijkheid zijn, dat gaat om het wegnemen van drempels die voortkomen uit taal, cultuur en context. Om een brede groep mensen zich te laten herkennen in en aangesproken te voelen door een initiatief, is het bijvoorbeeld belangrijk om in verschillende talen te communiceren en activiteiten en communicatie aan te passen aan culturele context.

Ook financiële drempels moeten worden weggenomen. Niet iedereen heeft dezelfde financiële middelen beschikbaar, waarom het belangrijk kan zijn om bijvoorbeeld mensen naar draagkracht te laten deelnemen. “Het vraagt om fundamenteel anders denken over eigenaarschap, waarbij collectieve voordelen voorrang krijgen boven individueel rendement. Dit principe blijkt cruciaal voor het bereiken van groepen die traditioneel buiten beeld blijven bij verduurzamingsprojecten.”

En tenslotte is een eyeopener om bewoners structureel te betrekken, het rapport noemt dat structurele empowerment. Met duidelijke stappen en terugkoppeling, laagdrempelige middelen en doorgroeipaden voor zowel nieuwe als ervaren mensen zorg je dat bewoners blijvend invloed hebben op besluiten en uitvoering.